handen

Kenmerken en diagnose faalangst

Het stellen van de diagnose faalangst

Als eerste moet goed onderzocht worden wat voor faalangst het kind precies heeft, voordat er met de behandeling wordt begonnen.

De vragen die dan worden gesteld zijn:

  • Hoe komt het dat dit kind faalangstig is?
  • Heeft hij of zij vroeger vervelende ervaringen opgedaan met bijvoorbeeld een bepaald vak op school?
  • Is het de omgeving die invloed heeft gehad op het kind?
  • Etc.

Een nauwkeurige omschrijving van faalangst is belangrijk, omdat dan duidelijk is dat de kenmerken geen kenmerken zijn van een ander probleem wat het kind misschien kan hebben. Faalangst heeft geen rijtje met kenmerken die standaard en alleen bij faalangst horen.

Drie kenmerken van faalangst

Er zijn drie kenmerken van faalangst:

  • Op cognitief gebied.
    Gedachten vinden (cognitief) plaats in je hoofd. Al lang voordat het kind de taak moet uitvoeren spoken gedachten door zijn hoofd als ‘het zal vast wel weer niet lukken’ of ‘ik krijg vast wel weer een black-out’.
    Het kind denkt dat niks goed kan gaan en heeft daardoor een negatief zelfbeeld, weinig gevoel van eigenwaarde, beoordeelt zichzelf negatief. Ten slotte kan het kind zichzelf niet goed accepteren. Als iets goed gaat komt dat door iets anders dan henzelf en als iets fout gaat komt dat wel door henzelf. Complimentjes nemen ze niet aan, want ze zijn niet waar.
    Door alle spanning en adrenaline in het lichaam wordt het denken als het ware geblokkeerd. Na de taak stroomt de adrenaline weer weg en is het kind weer beter in staat om goed te denken. De angst voor de taak kan zo overheersen dat er geen ruimte meer is voor iets leuks.
  • Op lichamelijk gebied.
    Door de angst voor de taak kunnen er vele lichamelijke reacties optreden. Voorbeelden daarvan zijn onder andere: zweten, rood hoofd krijgen of rode vlekken in de nek, veel naar de wc moeten, hartkloppingen en hoofdpijn. Daarnaast komen maagklachten en darmklachten ook voor.
  • Op gedragsmatig gebied.
    Duidelijk is dat te zien aan hun werkhouding. Kinderen met faalangst werken vaak ongestructureerd en chaotisch. Ook leren ze teveel details. Ze onderbreken hun werk en dwalen af. Lijken veel ‘te dromen’.

Meer over:
Faalangst – Algemeen, ontstaan en prognose
Kenmerken en diagnose faalangst
De verschillende typen faalangst
Behandeling faalangst
Praktische aanpak (thuis en therapie) en tips

Schrijf als eerste een reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

Nieuwsbrief